De notulen van de vorige zitting worden ondertekend door de voorzitter van de raad voor maatschappelijk welzijn en de algemeen directeur.
Enig artikel. De notulen van de raad voor maatschappelijk welzijn van 25 september 2025 worden zonder wijzigingen goedgekeurd en worden ondertekend door de voorzitter van de raad voor maatschappelijk welzijn en de algemeen directeur.
Het lokaal bestuur Ternat is aangesloten bij Haviland Intercommunale, een intergemeentelijk samenwerkingsverband en dienstverlenende vereniging beheerst door het decreet lokaal bestuur van 22 december 2017.
Haviland Intercommunale heeft via een gevoerde openbare aanbesteding de opdracht 'raamovereenkomst voor het leasen van fietsen voor Haviland en haar vennoten' gegund aan Cyclobility BV voor de aanbestedingsperiode van 23 juni 2025 tot en met 22 juni 2028 (eenmalig verlengbaar met 1 jaar).
Vermits de leverancier voor de fietsleasing wijzigt, dient ook Bijlage 17 van het Arbeidsreglement: Reglement fietsmobiliteit aangepast te worden. Daarnaast dienen ook de fietspolicy en het addendum voor medewerkers die instappen in de fietsleasing aangepast te worden.
De toepassingen die gewijzigd dienen te worden in bijlage 17 van het arbeidsreglement staan aangeduid in het overzicht in bijlage.
In bijlage zijn eveneens de fietspolicy alsook het addendum voor medewerkers die instappen in de fietsleasing toegevoegd.
Artikel 1. De raad gaat akkoord met de wijzigingen aan Bijlage 17 van het Arbeidsreglement: Reglement fietsmobiliteit.
Artikel 2. De raad keurt de fietspolicy en het addendum in kader van de fietsmobiliteit goed.
Artikel 3. Een afschrift van dit besluit wordt overgemaakt aan de dienst Personeel.
Het lokaal bestuur Ternat heeft de mogelijkheid om toe te treden tot de raamovereenkomst van GSD-V betreffende de collectieve hospitalisatieverzekering, gegund aan de leverancier Ethias voor een termijn van 4 jaar.
Er wordt opnieuw gekeken voor wie er vanaf 1 januari 2026 bijdragen door het lokaal bestuur worden betaald voor de collectieve hospitalisatieverzekering.
In het lokaal bestuur Ternat zijn we de uitzondering voor het betalen van collectieve hospitalisatiebijdragen voor gepensioneerde medewerkers.
Op advies vanuit het MAT stellen we voor om vanaf 1 januari 2026 geen collectieve hospitalisatieverzekering meer te vergoeden voor gepensioneerde personeelsleden. Gepensioneerde personeelsleden hebben in principe de mogelijkheid om individueel de hospitalisatieverzekering verder te zetten en de bijdragen hiervoor zelf te betalen.
Rekening houdend met het onderhandelingscomité op 26 mei 2025 met de vakorganisaties werd er een tegenvoorstel vanuit het bestuur geformuleerd om gedeeltelijk een overgangsperiode in te brengen. Het tegenvoorstel was voor de vakorganisaties onvoldoende en er blijft een 'protocol voor niet akkoord' van toepassing.
Artikel 205
"Het bestuur sluit een collectieve hospitalisatieverzekering af voor:
Naar:
Artikel 205
"Het bestuur sluit een collectieve hospitalisatieverzekering af voor:
• de statutaire personeelsleden;
• de personeelsleden met een arbeidsovereenkomst.
Vanaf 1 januari 2026 worden geen nieuwe aansluitingen meer voorzien voor gepensioneerde personeelsleden.
Gepensioneerde personeelsleden die op 1 januari 2026 reeds met pensioen zijn en voor wie een collectieve hospitalisatieverzekering werd voorzien door het lokaal bestuur, blijven deze aansluiting behouden zolang zij voldoen aan de voorwaarden zoals vastgelegd in het toepasselijke reglement tot en met 31 december 2026.
Er gelden aldus overgangsmaatregelen voor reeds gepensioneerde medewerkers."
De nodige kredieten worden voorzien in de jaarbudgetrekeningen volgens het meerjarenplan 2026-2031.
Artikel 1. De raad keurt de aanpassing van het huidige artikel 205 van de rechtspositieregeling voor het personeel van het lokaal bestuur Ternat volgens het voorstel opgenomen in considerans goed.
Artikel 2. Het bestuur sluit een collectieve hospitalisatieverzekering af voor:
Artikel 3. Een gecoördineerde versie van de rechtspositieregeling zal opgemaakt worden en gepubliceerd op de gemeentelijke website.
Artikel 4. Er wordt opdracht gegeven het personeel van deze wijziging in kennis te stellen.
Artikel 5. Een afschrift van dit besluit wordt overgemaakt aan de algemene directeur, de dienst Financiën, de dienst Personeel en de provinciegouverneur.
Momenteel hebben we binnen de organisatie een mix van 2 soorten vakantiestelsels bij contractuele medewerkers: de private vakantieregeling voor alle medewerkers in dienst voor 2018 en de publieke vakantieregeling voor alle medewerkers in dienst na 2018. Een uitgebreide toelichting werd toegevoegd via een HR-nota in bijlage.
Voorstel tot wijziging van de gemeentelijke rechtspositieregeling:
Artikel 219 §2
“Voor de statutaire personeelsleden en de contractuele personeelsleden in dienst na 1 januari 2018 geldt de vakantieregeling voor de publieke sector. Het dienstjaar dat in aanmerking genomen wordt als referentiejaar is het lopende dienstjaar.
Voor de contractuele personeelsleden, in dienst voor 1 januari 2018, geldt de vakantiereglementering conform titel III van het koninklijk besluit van 30 maart 1967 tot uitvoering van de op 28 juni 1971 gecoördineerde wetten. Het dienstjaar dat in aanmerking genomen wordt als referentiejaar is het jaar dat voorafgaat aan het lopende dienstjaar.
De betaalde vakantie voor de personeelsleden bestaat enerzijds uit de wettelijke vakantie van maximum 20 dagen en anderzijds max. 20 dagen betaalde aanvullende vakantie. De aanvullende vakantie wordt op dezelfde wijze berekend als het saldo van de wettelijke vakantie.”
Naar:
Artikel 219 §2
“Voor de statutaire personeelsleden en de contractuele personeelsleden in dienst na 1 januari 2018 geldt de vakantieregeling voor de publieke sector. Het dienstjaar dat in aanmerking genomen wordt als referentiejaar is het lopende dienstjaar.
Voor de contractuele personeelsleden, in dienst voor 1 januari 2018, geldt de vakantiereglementering conform titel III van het koninklijk besluit van 30 maart 1967 tot uitvoering van de op 28 juni 1971 gecoördineerde wetten. Het dienstjaar dat in aanmerking genomen wordt als referentiejaar is het jaar dat voorafgaat aan het lopende dienstjaar. Vanaf 1 januari 2026 geldt de vakantieregeling voor de publieke sector eveneens voor de contractuele personeelsleden, in dienst voor 1 januari 2018.
De betaalde vakantie voor de personeelsleden bestaat enerzijds uit de wettelijke vakantie van maximum 20 dagen en anderzijds max. 20 dagen betaalde aanvullende vakantie. De aanvullende vakantie wordt op dezelfde wijze berekend als het saldo van de wettelijke vakantie.”
En:
Artikel 219§4
"Wanneer het personeelslid zijn dagen betaalde vakantie niet heeft kunnen opnemen omwille van volgende redenen:
• (arbeids)ongeval en (beroeps)ziekte;
• moederschapsrust of vaderschapsverlof (omgezette moederschapsrust bij hospitalisatie of overlijden van de moeder);
• geboorte- en adoptieverlof;
• profylactisch verlof;
• verlof voor pleegzorg en pleegouderverlof.
worden de niet opgenomen wettelijke vakantiedagen (maximum 20) overgedragen en kunnen ze nog worden opgenomen tot 24 maanden na het einde van het vakantiejaar. Uiterlijk op 31 december van het oorspronkelijke vakantiejaar moet het contractuele personeelslid het vakantiegeld voor die dagen uitbetaald krijgen."
Naar:
Artikel 219§4
"Wanneer het personeelslid zijn dagen betaalde vakantie niet heeft kunnen opnemen omwille van volgende redenen:
• (arbeids)ongeval en (beroeps)ziekte;
• moederschapsrust of vaderschapsverlof (omgezette moederschapsrust bij hospitalisatie of overlijden van de moeder);
• geboorte- en adoptieverlof;
• profylactisch verlof;
• verlof voor pleegzorg en pleegouderverlof.
worden de niet opgenomen wettelijke vakantiedagen (maximum 20) overgedragen en kunnen ze nog worden opgenomen tot 24 maanden na het einde van het vakantiejaar."
De uitbetaling wordt voorzien in december 2025 en het terugverdieneffect wordt opgenomen in het meerjarenplan 2026-2031.
Artikel 1. De raad keurt de aanpassing van het huidige artikel 219§2 en 219§4 van de rechtspositieregeling voor het personeel van het lokaal bestuur Ternat volgens het voorstel opgenomen in considerans met eenparigheid van stemmen goed.
Artikel 2. Een gecoördineerde versie van de rechtspositieregeling zal opgemaakt worden en gepubliceerd op de gemeentelijke website.
Artikel 3. Er wordt opdracht gegeven het personeel van deze wijziging in kennis te stellen.
Artikel 4. Een afschrift van dit besluit wordt overgemaakt aan de algemene directeur, de dienst Financiën, de dienst Personeel en de provinciegouverneur.
De huidige overeenkomst met Medexel loopt af op 31 december 2025. Gezien de beslissing van de federale GSD kunnen de Vlaamse lokale en provinciale besturen niet meer intekenen op de overheidsopdracht die zij zullen uitschrijven. De GSD-V heeft zelf het initiatief genomen om een eigen overheidsopdracht uit te schrijven ten gunste van de bij de GSD-V aangesloten besturen en instellingen.
Na een openbare aanbestedingsprocedure van GSD-V in april 2025, werd de collectieve hospitalisatieverzekering (beroepsgebonden ziekteverzekeringsovereenkomst gezondheidszorgen) gegund aan Ethias voor een periode van 4 jaar (polis nr. 4.487.365).
Aansluitend op de bovenvermelde looptijd kan de polis tweemaal worden verlengd met een periode van één jaar, op basis van artikel 57, tweede lid, van de Wet Overheidsopdrachten.
Deze verlenging verloopt stilzwijgend, behoudens een andersluidend aangetekende zending van de verzekeringsnemer uiterlijk zes maanden voor de eerstvolgende jaarlijkse vervaldag.
De kredieten worden voorzien in het nieuwe meerjarenplan 2026-2031.
Artikel 1, 2, 3, 5, 6, 7, 8 en 9 worden met eenparigheid van stemmen goedgekeurd.
Artikel 1. De raad besluit toe te treden tot de raamovereenkomst voor de collectieve hospitalisatieverzekering dewelke door GSD-V gegund werd aan Ethias voor de duurtijd van van 1 januari 2026 tot en met 31 december 2029.
Artikel 2. De looptijd van de overeenkomst kan tweemaal worden verlengd met een periode van één jaar, op basis van artikel 57, tweede lid, van de Wet Overheidsopdrachten.
Artikel 3. Het bestuur neemt de premie van deze verzekering volledig ten laste in de Basisformule voor zijn statutaire en contractuele personeelsleden, onafgezien zij werken in voltijds of deeltijds dienstverband.
Artikel 4. Met 13 stemmen voor, 11 stemmen tegen, 0 onthoudingen keurt de raad goed dat het bestuur de premie van deze verzekering volledig ten laste neemt in de Basisformule voor reeds gepensioneerde medewerkers tot en met 31 december 2026 (ingangsdatum pensioen ten laatste op 31 december 2025).
Artikel 5. Gezinsleden kunnen als nevenverzekerden aangesloten worden, hiervan neemt de gemeente de premie niet ten laste.
Artikel 6. De gemeente neemt de premietoeslag voor de uitgebreide waarborg niet ten laste.
Artikel 7. Hiertoe vult het bestuur het uitvoeringsakkoord in.
Artikel 8. De toetreding tot de voornoemde verzekering houdt voor het aangesloten bestuur de verbintenis in, de bijzondere en algemene bepalingen, in acht te nemen.
Artikel 9. Een afschrift van dit besluit wordt overgemaakt aan GSD-V, de dienst Financiën en de dienst Personeel.
De rapportering heeft betrekking zowel op de gemeente als het OCMW, één geïntegreerd opvolgingsrapportering wordt opgemaakt die zowel aan de gemeenteraad als aan de raad voor maatschappelijk welzijn wordt voorgelegd.
De memorie van toelichting bij het decreet lokaal bestuur bepaalt dat de opvolgingsrapportering niet zozeer gericht is op de bewaking van de kredieten, maar wel op de uitvoering van de beleidsdoelstellingen.
De doelstellingenrealisatie wordt gevoegd bij dit besluit.
Artikel 1. De raad neemt kennis van het opvolgingsrapport met betrekking tot de periode van 1 januari 2025 tot en met 30 juni 2025.
Artikel 2. Een afschrift wordt overgemaakt aan de dienst Financiën en het MAT.
De welzijnsvereniging bezorgt onmiddellijk na elke vergadering van de algemene vergadering en na elke vergadering van de raad van bestuur een lijst met de besluiten, met een beknopte omschrijving van de daarin geregelde aangelegenheden, aan de voorzitter van het vast bureau van het openbaar centrum voor maatschappelijk welzijn dat de gemeente bedient waar de maatschappelijke zetel van de welzijnsvereniging zich bevindt. De voorzitter agendeert deze ter kennisneming op de raad voor maatschappelijk welzijn, met het oog op de bekendmaking ervan op de webtoepassing van de gemeente. Het openbaar centrum voor maatschappelijk welzijn stelt de toezichthoudende overheid op de hoogte van de bekendmaking van de besluitenlijsten.
Artikel 1. De raad neemt kennis van de besluitenlijst van de algemene vergadering en de raad van bestuur van 26 juni 2025 van de Welzijnskoepel West-Brabant.
Artikel 2. Na kennisneming door de raad wordt het besluit bekendgemaakt ingevolge de bepalingen van het decreet lokaal bestuur.
Namens OCMW-raad,
Sieglinde De Mulder
algemeen directeur
Sophie Claeys
voorzitter RMW